Dyslexie is een hardnekkige leerstoornis die vooral lezen en spellen bemoeilijkt. Daarnaast heeft ze vaak gevolgen voor andere leergebieden en het sociaal- emotioneel functioneren van jongeren. De primaire symptomen, bijkomende leerproblemen en emotionele impact worden hieronder toegelicht op basis van wetenschappelijke inzichten.
De geraadpleegde academische literatuur is onderaan deze pagina terug te vinden.
Geef duidelijke en korte uitleg. Te veel informatie tegelijk maakt het moeilijker om te begrijpen. Herhaal de opdracht altijd of laat de leerlingen ze zelf herhalen.
Gebruik visuele ondersteuning zoals afbeeldingen, grafieken en kleuren. Dit helpt om meer structuur en duidelijkheid te geven.
Toon eerst een voorbeeld of demonstratie van de opdracht. Laat leerlingen de oefening regelmatig herhalen om te controleren of ze mee zijn.
Geef extra tijd bij opdrachten en toetsen. Leerlingen met dyslexie hebben vaak meer tijd nodig om informatie te verwerken. Dit vermindert stress en helpt hen beter concentreren.
Lees vragen luidop voor tijdens een taak of toets. Zo begrijpen leerlingen de vragen vaak beter.
Gebruik digitale hulpmiddelen zoals voorleesprogramma’s, video’s en uitleg op een digitaal bord om de leerstof extra te ondersteunen.
Laat leerlingen niet te vaak klassikaal voorlezen. Dit kan stress en faalangst veroorzaken en zorgt vaak voor een negatieve leeservaring.
Reken niet alle spellingsfouten aan. Trek niet bij elk vak punten af voor spelling. Laat leerlingen bijvoorbeeld fonetisch schrijven: schrijven zoals ze het horen.
Laat leerlingen geen lange teksten overschrijven van het bord. Dit vraagt veel tijd en energie.
Zorg ervoor dat notities verbeterd zijn. Kijk de notities van leerlingen na of geef correcte notities mee, zodat ze de leerstof juist kunnen inoefenen.
Gebruik als leerkracht vaste pictogrammen of kleuren bij opdrachten, instructies en vakonderdelen. Zo leren leerlingen sneller herkennen wat er van hen verwacht wordt, zonder alles telkens volledig te moeten lezen. Voor leerlingen met dyslexie zorgt deze visuele structuur voor meer overzicht en minder cognitieve belasting. Bijvoorbeeld: groen voor theorie, blauw voor oefeningen en een vast pictogram voor groepswerk of toetsen. Door deze herkenbaarheid kunnen leerlingen zelfstandiger en met meer rust werken.
Geef leesteksten die nodig zijn voor opdrachten, taken of toetsen op voorhand aan leerlingen mee. Zo krijgen leerlingen de kans om de tekst zelfstandig al eens rustig door te nemen en moeilijke stukken vooraf te verwerken. Dit verlaagt de stress tijdens de les of evaluatie en verhoogt het begrip van de inhoud. Vooral leerlingen met dyslexie of NT2-leerlingen hebben baat bij deze extra voorbereidingstijd. Door vooraf vertrouwd te raken met de tekst kunnen ze tijdens de les meer focussen op de eigenlijke opdracht.
Maak gebruik van tekst-naar-spraaksoftware, zoals Sprint, om geschreven teksten te laten voorlezen aan leerlingen. Hierdoor kunnen leerlingen met dyslexie of taalmoeilijkheden de leerstof beter begrijpen zonder vast te lopen op het lezen zelf. De software ondersteunt hen bij opdrachten, leesteksten, toetsen en studiewerk. Leerlingen kunnen bovendien op hun eigen tempo luisteren en meelezen, wat hun zelfstandigheid vergroot. Deze ondersteuning helpt om de focus meer op inhoud en begrip te leggen in plaats van op technisch lezen.
Gebruik een dyslexievriendelijk lettertype, zoals OpenDyslexic of Dyslexie Font, in toetsen, werkbladen en digitale documenten. Deze lettertypes zijn ontworpen om letters duidelijker van elkaar te onderscheiden, waardoor teksten overzichtelijker en leesbaarder worden voor leerlingen met dyslexie. Dit kan de leesinspanning verminderen en helpt leerlingen om zich beter op de inhoud te concentreren. Het gebruik van een aangepast lettertype is een kleine aanpassing met vaak een groot effect op leescomfort en zelfstandigheid.