NT2-leerlingen zijn leerlingen voor wie het Nederlands niet de eerste taal, maar een tweede taal is. Omdat ze het Nederlands nog zijn aan het leren, hebben ze soms extra ondersteuning nodig om de lessen te begrijpen en actief deel te nemen aan het klasgebeuren.
De geraadpleegde academische literatuur is onderaan deze pagina terug te vinden.
Gebruik duidelijke en eenvoudige taal, en ondersteun instructies met gebaren, voorbeelden of beeldmateriaal.
Controleer regelmatig of de leerling de uitleg begrepen heeft, bijvoorbeeld door te laten herhalen of voordoen.
Geef extra tijd om opdrachten te lezen, te begrijpen en uit te voeren.
Werk met visuele ondersteuning zoals pictogrammen, stappenplannen of schema’s.
Laat de leerling samenwerken met klasgenoten om taalvaardigheid te oefenen in een natuurlijke context.
Bouw woordenschat systematisch op en herhaal belangrijke woorden regelmatig in verschillende contexten.
Creëer een veilige klasomgeving waarin fouten maken mag en gezien wordt als leerkans.
Geef geen te lange of complexe instructies zonder ondersteuning.
Ga er niet van uit dat de leerling alles meteen begrijpt omdat hij of zij stil blijft.
Corrigeer niet enkel op taal, maar kijk ook naar de inhoud van de boodschap.
Laat de leerling niet volledig los zonder begeleiding bij nieuwe of moeilijke opdrachten.
Vermijd het gebruik van te veel vaktaal of abstracte begrippen zonder uitleg.
Straf fouten in taalgebruik niet af, maar gebruik ze als leermoment.
Als leerkracht kan je AI gebruiken om complexe teksten te herschrijven op het taalniveau van je leerlingen. Zo blijft de inhoud hetzelfde, maar worden zinnen eenvoudiger, korter en beter begrijpbaar. Dit helpt vooral leerlingen met taalmoeilijkheden of NT2-leerlingen om de leerstof beter te verwerken.
Je kan zelf bepalen hoe eenvoudig de tekst moet worden door dat expliciet te vragen aan de AI. Hieronder staat een voorbeeldprompt die je kan gebruiken om dit snel en doelgericht te doen.
Voorbeeld: “Herschrijf de onderstaande tekst op B1-taalniveau voor middelbare scholieren van ...–... jaar. Gebruik korte zinnen, eenvoudige woorden en behoud alle belangrijke inhoud.
Onderlijn 'moeilijke' vaktermen en maak onderaan een korte woordenlijst met deze onderlijnde woorden. Geef bij elk woord een eenvoudige en duidelijke uitleg in leerlingentaal.
Maak de tekst duidelijk en goed leesbaar voor leerlingen met taalmoeilijkheden of NT2.
Tekst: [plak hier de originele tekst]”
Bij deze werkvorm stelt de leerkracht een vraag en geeft korte denktijd. Leerlingen schrijven vervolgens individueel hun antwoord op een whiteboardje.
Op het signaal tonen ze allemaal tegelijk hun antwoord. Zo krijgt de leerkracht onmiddellijk zicht op wie mee is en waar fouten zitten. Met korte feedback en kleine aanpassingen kan er meteen en discreet gedifferentieerd worden.
Leerlingen krijgen een woordzoeker met belangrijke vaktermen die ze moeten kennen voor de les. Op deze speelse manier maken de leerlingen zo kennis met kernbegrippen nog vóór of na een opdracht.
Dit helpt om vaktaal te herhalen en beter te onthouden zonder klassieke leerdruk. De leerkracht kan de woordzoekers eenvoudig integreren als opwarming, herhaling of verwerkingsopdracht. Zo wordt taalbewust leren vanzelf onderdeel van de les.
Leerlingen markeren tijdens het werken woorden die ze niet goed begrijpen in een vooraf afgesproken kleur of noteren ze in een lijstje. Zo worden moeilijke begrippen meteen zichtbaar zonder het lesverloop te onderbreken.
De leerkracht krijgt inzicht in welke woorden extra uitleg nodig hebben. In een volgende les kunnen deze kort klassikaal herhaald worden of krijgt de leerling een gerichte woordenlijst. Dit maakt differentiatie eenvoudig en gericht, zonder extra belasting voor de klas.
Leerlingen werken in duo’s die door de leerkracht worden samengesteld, waarbij een sterkere leerling wordt gekoppeld aan een leerling die meer ondersteuning nodig heeft. Beide leerlingen krijgen dezelfde leerstof en moeten samen zorgen dat ze die begrijpen en kunnen toepassen. Op het einde van de les volgt een toets over de vooraf behandelde leerstof.
De toets wordt individueel afgenomen, maar beide leerlingen krijgen hetzelfde eindresultaat, namelijk het gemiddelde van hun twee scores. De samenwerking is dus essentieel: de sterkere leerling wordt zo gestimuleerd om de ander actief te helpen, omdat het succes van beide afhangt van het duo-resultaat.
Dit creëert gedeelde verantwoordelijkheid en motiveert beide leerlingen om zich in te zetten voor het gezamenlijke begrip. De leerkracht bewaakt hierbij wel dat de samenwerking ondersteunend blijft en niet leidt tot afhankelijkheid of oneerlijke druk.
Geef leesteksten die nodig zijn voor opdrachten, taken of toetsen op voorhand aan leerlingen mee. Zo krijgen leerlingen de kans om de tekst zelfstandig al eens rustig door te nemen en moeilijke stukken vooraf te verwerken. Dit verlaagt de stress tijdens de les of evaluatie en verhoogt het begrip van de inhoud. Vooral leerlingen met dyslexie of NT2-leerlingen hebben baat bij deze extra voorbereidingstijd. Door vooraf vertrouwd te raken met de tekst kunnen ze tijdens de les meer focussen op de eigenlijke opdracht.